Het is ondertussen wel bekend dat overheden krachtens de Uitvoeringsweg AVG op verzoek van burgers gegevens soms uit hun systemen moeten verwijderen. De uitspraak van de rechtbank Noord-Holland van 21 mei j.l. onderstreept dat nog maar weer eens.

Ik ben benieuwd of er ook ervaringen zijn opgedaan met het verwerken van die vernietiging op basis van de UAVG, m.a.w. hoe een verzoek en het daarop uitgevoerde vernietigingsproces worden gedocumenteerd als het niet om anonimiseren van informatieobjecten gaat.

Kan er wel worden voldaan aan de wettelijke voorschriften aangaande het vernietigingsproces als bv. een heel dossier wordt verwijderd? Het gaat er dan om wat de strekking is van "specificatie" in artikel 8 van het Archiefbesluit 1995 in het kader van zorgvuldige (dus aantoonbare) verwijdering en de wens van burgers om in die context (het dossier) geheel "vergeten" te worden.

Weergaven: 380

Hierop reageren

Berichten in deze discussie

We hebben een paar keer onderzoek gedaan naar vernietiging bij gemeentes, in 2014 en weer herhaald in 2020. Vernietiging beperkt zich vaak tot alleen het DMS/Zaaksysteem. Aan de andere kant zijn vele applicaties niet in staat om gegevens te verwijderen. Een ander aspect is dat bij een personeelssyteem dat in de cloud is geplaatst selectie en vernietiging op grond van de selectielijst niet mogelijk is. Ik kan over selectie en vernietiging bijna een boek schrijven.

Wat ik ook zie dat medewerkers hun stinkende best doen die vernietiging ondanks de technische beperkingen toch voor elkaar te krijgen. Ik zie veel toekomst voor de API's. http://www.breednetwerk.nl/forum/topics/denken-over-vernietiging-ce... Daar worden echt stappen gezet.

Wat me verontrust aan de uitspraak is, is dat een gemeente formeel de juiste wettelijke termijn hanteert en dan in het ongelijk wordt gesteld.

Niet om deze zaak, maar ik heb het al vaker gezegd, historici mogen zich echt zorgen maken over de gevolgen van de AVG. Het blijft jammer dat de algemene rijksarchivaris in 2018 hier geen voortouw heeft genomen om zich hiervoor sterk te maken. 

Als ik de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland lees, dan denk ik dat het niet gaat om het eerder vernietigen van persoonsgegevens dan de bewaartermijn van het proces. De betrokkene betwist dat er jeugdhulp is verleend. Er zouden alleen zorgmeldingen zijn gedaan die niet verder zijn opgevolgd. Als dat zo is, dan hebben we niet te maken van een bewaartermijn van 20 jaar, maar met een bewaartermijn van 1 jaar (8.4 het proces is afgebroken) of zelfs 6 weken (8.4.1 Afgebroken voorziening in het Sociale domein). 

Volgens mij gaat het er dus over dat de verkeerde bewaartermijn is gekozen.

hoi Stefan, bij nadere bestudering denk ik dat je een punt hebt. In de zaak wijst de rechter op artikel 7.3.9 lid 1 Jeugdwet, waardoor de gegevens eerder moeten worden verwijderd dan 20 jaar (7.3.8 lid 3). Vreemd blijft het dat niet naar de selectielijst/Archiefwet wordt verwezen. 

Zie ook: https://www.rechtspraak.nl/Organisatie-en-contact/Organisatie/Recht...

 

Antwoorden op discussie

RSS

© 2022   Gemaakt door Marco Klerks.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden