Uitvoerbaarheid Kamerbrief over eigenaarschap van persoonsgegevens

De Kamerbrief van staatssecretaris Knops van 15 juni 2020 informeert de Tweede Kamer over de (on) mogelijkheid in het Burgerlijk Wetboek (BW) te regelen eigenaarschap van de burger van zijn persoonsgegevens bij de overheid. Van wie zijn de persoonsgegevens, van de burger of van de overheid? Moeten we die standaard vernietigen? 

Link naar Kamerbrief.

Het overheidsbeleid Regie op gegevens kent drie sporen:

- inzage en correctie: de eigen gegevens kunnen inzien, deze zo nodig kunnen (laten) corrigeren, en kunnen inzien waarvoor deze worden gebruikt;

- eenmalige verstrekking, meervoudig gebruik: kunnen weigeren om gegevens te verstrekken die binnen de overheid al beschikbaar zijn;

- delen van gegevens: de eigen gegevens zelf digitaal kunnen delen met private dienstverleners (zoals een woningcorporatie of schuld-hulpverlener).

Op dit moment is er geen juridisch eigendom van persoonsgegevens, omdat het eigendomsrecht daar niet op is toegespitst.

De regie over de eigen gegevens gaat daarom vooral over rechten van de burger (als persoon waarop de gegevens betrekking hebben) en plichten van de overheid (als verwerkingsverantwoordelijke van die gegevens). Deze rechten en plichten op persoonsgegevens zijn geregeld in de Avg. Om als overheid persoonsgegevens te verwerken is het nodig dat er een basis komt in het nationaal recht. Je krijgt als burger wel rechten, maar geen eigendom.  
  
Hoe zie jij met dit gegeven het beleid regie op gegevens? Nog meer namen weglaten in documenten en data, rechtstreeks toegang van de burger tot het Zaaksysteem?

En hoe zie jij de relatie met het nieuwe nationaal recht en de Archiefwet, Wob en straks Wijzigingswet Wet open overheid?

Weergaven: 133

Hierop reageren

© 2020   Gemaakt door Marco Klerks.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden