Jack Karelse heeft in zijn
commentaar op
deze discussie een verwijzing opgenomen naar een
artikel op de blog van Hoogwout Kennistransfer, waarin wordt gespeculeerd over het verdwijnen van de midoffice voor gemeenten en waar tevens vragen worden gesteld bij het architectuur-concept zoals neergelegd in GEMMA.
Eerder is op BREED al gerefereerd aan artikelen (in o.a. Binnenlands Bestuur) over nut en noodzaak van een midoffice. Ik denk dat dit artikel een prima (tweede) aanzet biedt voor een ‘brede’ discussie. Kortom het woord is aan jullie (voor- én tegenstanders)…
Hieronder volgt een quote met daarin een opsomming van de nadelen zoals die naar voren worden gebracht in de blog van Hoogwout (lees - uiteraard -
hier het volledige artikel):
"Toch zitten er ook nadelen aan dit architectuur-concept, waarbij de midoffice de centrale plek moet worden van de gemeentelijke informatievoorziening. Deze nadelen zijn zodanig dat het juist in deze tijden van bezuiniging voor gemeenten aan te raden kan zijn om hun informatiseringsbeleid kritisch tegen het licht te houden voor wat betreft de investeringen in midoffice en zaaksystemen. De nadelen vallen samen te vatten onder de volgende vier punten:
1. de technologie is onvolgroeid en kwetsbaar en daardoor relatief duur: De keuze voor een midoffice vereist dat frontoffice-systemen en backoffice-systemen worden gekoppeld aan de midoffice op zo’n manier dat redundantie tot een minimum wordt beperkt en de gegevens in alle systemen in ieder geval overeen stemmen. Dit blijkt iedere keer opnieuw technisch zeer moeilijk te realiseren te meer daar de midoffice met systemen van een grote hoeveelheid leveranciers moet kunnen communiceren. Iedere koppeling die gebouwd moet worden is daarmee een dure investering en een potentieel risico op vertraging en disfunctioneren. Voor kleine gemeenten is het aansturen van leveranciers op het realiseren van werkende koppelingen al ondoenlijk. Maar zelfs de grote samenwerkingsverbanden zoals GovUnited hebben telkens weer slechte ervaringen om deze klus naar ieders tevredenheid geklaard te krijgen. Aan overzicht en samenhang via een midoffice hangt daarom inmiddels een fiks prijskaartje van alleen voor de licenties vaak meer dan € 7,- per inwoner. En dan praten we alleen nog over de samenhang tussen de zaken die van oorsprong onder het bevoegd gezag van de gemeente vallen. Als ook als loket voor andere overheden moet worden opgetreden neemt de problematiek rondom de koppelingen en synchronisatie alleen maar exponentieel toe.
2. het voordeel van de samenhang en het overzicht over de zaken in één zaaksysteem is beperkt: Als men daarnaast kijkt wat er mee te winnen voor zowel de gemeente als haar klanten, dan is het potentiële rendement teleurstellend. Gemiddeld heeft een burger maar 2 maal per jaar een contact met de gemeente op transactieniveau. In het meerendeel van de gevallen gaat het dan nog om een afspraak voor het ophalen van grofvuil of een melding openbare ruimte. In meer dan 90% van de gevallen gaat het om diensten die geen zodanige samenhang vertonen met andere overheidsdiensten, dat het uit klantgemak wenselijk is dat er vraagpatroonintegratie optreedt. De kans dat er een vorm van samenloop bestaat tussen overheidsdiensten waarvoor het wenselijk kan zijn dat er overzicht over bestaat is beperkt tot slechts een kleine groep inwoners die een meer dan gewone afhankelijkheid hebben van de overheid (i.c. zorgbehoevenden en bijstandsgerechtigden). Voor deze groepen geldt vervolgens dat het overgrote deel van de voorziening in hun vraagpatroon buiten de invloedssfeer van de gemeente ligt. Van bijvoorbeeld alle zorgprodukten die volgens de website Regelhulp.nl tot het vraagpatroon van een zorgbehoevende zouden kunnen behoren, wordt minder dan 10% verstrekt door of via de gemeente. De dienstverleningsintegratie met de andere overheden rond hun vraagpatronen is echter zo ingewikkeld en duur dat gemeenten juist hieraan geen prioriteit willen geven. Daarnaast blijkt iedere keer opnieuw dat de gemiddelde klant al meer dan tevreden is over de dienstverlening van de gemeente. Kortom er zijn relatief weinig redenen die rechtvaardigen dat van iedere inwoner een zo’n grote bijdrage wordt gevraagd voor het reduceren van het eventuele ongemak in de dienstverlening voor een zo’n kleine groep uitzonderingsgevallen.
3. het takenpakket van de gemeente is (voortdurend) aan het schuiven waardoor desinvesteringen dreigen: Afgezien van de technische en rendementsoverwegingen is de dynamiek van het gemeentelijke takenpakket ook zodanig groot dat er veel onzekerheid bestaat over welke diensten vandaag nog wel en morgen niet meer via de gemeente verlopen. Met name regionalisering van taken leidt tot het afkoppelen van eigen systemen en het omleiden van dienstverleningsstromen, zonder dat de afzonderlijke gemeente het overzicht in het zaakregister er over kan behouden. Een greep uit de ontwikkelingen: al langere tijd is er een trend gaande om op het vlak van de sociale uitkeringen samenwerking te zoeken in intergemeentelijke Sociale Diensten. Ook belastingheffing en inning verloopt steeds meer via samenwerkingsverbanden met waterschappen en andere gemeenten. Recentelijk is daar de dreigende komst van de regionale uitvoeringsdiensten (RUD’s) die het overgrote deel van de vergunningverlening zullen gaan overzien. Ook op het vlak van de Wmo wordt steeds vaker de samenwerking gezocht Wgr-verbanden. Het lijkt ondoenlijk als minderheidspartij in een samenwerkingsverband afspraken te kunnen afdwingen over het gebruik van de eigen midoffice. De spoeling over waar de gemeente overzicht over kan houden in de midoffice zal daarom alleen maar dunner worden.
4. er zijn aantrekkelijke, vaak landelijke alternatieven: Mijn.gemeente.nl moet nu al concurreren met verschillende andere portals die ook informatie leveren over de specifieke relatie van een inwoner met de overheid. Om het rijtje eens af te gaan: Het Digitaal Klantdossier (DKD) biedt al een inkijkmogelijkheid aan clienten die willen weten wat er met betrekking tot hun polisregistratie en uitkeringssituatie bij de overheid bekend is. Het Omgevingsloket Online biedt statusinformatie over omgevingsvergunningaanvragen. Mijn.overheid.nl geeft al informatie uit het GBA, het Kadaster en de RDW. Het zal niet lang wachten zijn voordat daar ook andere diensten bijkomen zoals het Omgevingsloket Online en het DKD. Antwoord© voor bedrijven pretendeert een volwaardig loket te worden voor het bedrijfsleven, met voor iedere ondernemer al een eigen mailbox. Daarnaast bieden veel leveranciers van backofficesystemen ook al webinterfaces op de aanvraag gegevens in specifieke systemen. Veel WOZ-dossiers zijn zo al te raadplegen voor burgers. Allemaal eenvoudig te integreren in de eigen gemeentelijke website. Waarom zou je als gemeente zelf nog veel in een eigen digitaal gemeenteloket (mijn.gemeente.nl) investeren om de weinige inwoners die digitaal zaken willen doen met de gemeente voornamelijk het voordeel te bieden van een ‘single sign on’? Het blijft ook moeilijk vol te houden dat de gemeente het loket voor alle overheden zal zijn als alle overheden linksom en rechtsom de gemeente passeren bij het bieden van gelegenheid tot inzage in statusinformatie e.a. Als zelfstandige gemeente is het moeilijk opboksen tegen de ontwikkel- en innovatiekracht van de landelijke uitvoeringsorganisaties en grote leveranciers."
Je moet lid zijn van BREED - over de grenzen van informatie om reacties te kunnen toevoegen!
Wordt lid van BREED - over de grenzen van informatie